In de spoorzone van Delft is een opvallend woon- en verblijfsgebouw verrezen dat direct naast de ondergrondse spoortunnel staat. Die ligging bepaalde in hoge mate de technische keuzes: de nabijheid van het spoor stelt strenge eisen aan fundering, draagconstructie en de beheersing van trillingen. Het project laat zien hoe stedelijke verdichting op complexe locaties in de praktijk vorm krijgt.
Wonen en publieke functies onder één dak
Het complex biedt plaats aan 53 appartementen, aangevuld met publiek toegankelijke ruimtes op de begane grond. Die menging van functies past bij de ambitie om de spoorzone om te vormen tot een levendig stadsdeel. Voor de indeling zijn kolomvrije overspanningen toegepast, waardoor de plattegronden flexibel te gebruiken zijn en de publieke ruimtes een open karakter krijgen.
Trillingen en fundering als uitgangspunt
Bouwen boven of naast een spoortunnel betekent dat trillingen niet mogen doorwerken in de woningen. De constructie is daarom afgestemd op de bijzondere ondergrond en de dynamische belastingen die het treinverkeer met zich meebrengt. Dat vroeg om nauwkeurige afstemming tussen de funderingstechniek en de bovenbouw.
Gevel als visitekaartje
De gevel speelt een hoofdrol in het architectonische beeld. Keramische geveltegels geven het gebouw een duurzame, hoogwaardige uitstraling en zorgen voor een herkenbaar ritme in het gevelvlak. Op de begane grond en bij de publieke functies zijn grote vliesgevels toegepast, die veel daglicht binnenlaten en het contact tussen binnen en buiten versterken.
Voor de gevelsector is het project interessant omdat het verschillende disciplines samenbrengt: keramische bekleding, transparante vliesgevels en een constructie die rekening houdt met trillingen. De combinatie van esthetiek en technische randvoorwaarden maakt het Huis van Delft tot een leerzaam voorbeeld voor toekomstige projecten op krappe, dynamisch belaste binnenstedelijke locaties.
